16 juli 2026
Genspect: Peggy Cohen-Kettenis als de architect van het Dutch Protocol
Een uitvoerig essay in Genspect zet de klinisch psycholoog die aan de basis stond van het Nederlandse behandelmodel opnieuw in het middelpunt — en raakt daarmee de kern van wat deze monitor volgt: de herkomst en de bewijsbasis van de Nederlandse genderzorg.
Wie het essay portretteert
Peggy Cohen-Kettenis (geb. 1948) is klinisch psycholoog en was de eerste auteur van de protocolpublicatie uit 1998 en mede-auteur van de protocolbeschrijving uit 2006. Zij leidde de VUmc-genderkliniek in Amsterdam tot 2015. Het model dat zij mee vormgaf — puberteitsremming, gevolgd door cross-sekse hormonen en later chirurgie — werd internationaal bekend als het Dutch Protocol en vormt tot op vandaag het referentiekader van de Nederlandse genderzorg.
Wat het essay stelt
- De follow-upcohorten waarop het protocol steunt, kenden volgens de auteur hoge uitval, wat gunstige uitkomsten kan hebben geflatteerd.
- Zorgwekkende mortaliteitscijfers in vroege cohorten kregen weinig nadruk in de gepresenteerde resultaten.
- De zelfrapportage-schaal (de Utrecht Gender Dysphoria Scale) kwam in de plaats van een volwaardige differentiaaldiagnose.
- Een groot deel van de behandelde jongeren viel op hetzelfde geslacht, wat de vraag oproept of het protocol medicaliseerde wat anders een homoseksuele ontwikkeling zou zijn geweest.
- Dezelfde onderzoekers schreven zowel de primaire studies als de internationale richtlijnen die daarnaar verwezen — een zelfversterkende cirkel.
Dit zijn de kwalificaties van de auteur. De onderliggende studies en de onafhankelijke evaluaties zijn afzonderlijk te wegen; deze monitor documenteert ze in eigen dossierpagina's.
Wat de onafhankelijke reviews zeggen
Los van dit portret oordeelden systematische reviews dat de bewijsbasis voor medische transitie bij minderjarigen zwak is — waaronder de Britse Cass Review (2024), het Zweedse SBU (2022) en de Finse COHERE-richtlijn (2020). Veel van dat bewijs gaat terug op de Nederlandse studies. Zie op deze monitor de uitleg bij Cass Review UK, SBU Zweden en COHERE Finland.
Waarom dit de monitor raakt
De herkomst van het protocol is geen historische voetnoot. De Nederlandse zorgketen, de kwaliteitsstandaard en de vergoedingspraktijk leunen op hetzelfde bouwwerk. Vragen over uitval, diagnose en belangenverstrengeling raken daarmee direct aan het toezicht op de huidige praktijk — zie conflicts of interest in genderzorg-onderzoek en peer review van genderzorg-publicaties.
Verder lezen
Een uitgebreid, met bronnen onderbouwd profiel van Cohen-Kettenis en het protocol staat in het dossier op dutchprotocol.nl. Het oorspronkelijke essay is te lezen bij Genspect.
Terug naar internationale stemmen en analyses
Naar het overzichtVeelgestelde vragen
Wie is Peggy Cohen-Kettenis?
Een Nederlandse klinisch psycholoog (geb. 1948), eerste auteur van de protocolpublicatie uit 1998 en mede-auteur van de beschrijving uit 2006. Zij leidde tot 2015 de VUmc-genderkliniek en gaf mede vorm aan wat internationaal bekend werd als het Dutch Protocol.
Wat is het Dutch Protocol?
Het behandelmodel voor genderdysforie bij jongeren dat begint met puberteitsremming, gevolgd door cross-sekse hormonen en later eventueel chirurgie. Het vormt tot vandaag het referentiekader van de Nederlandse genderzorg en werd wereldwijd overgenomen.
Wat is de kern van de kritiek in het Genspect-essay?
Onder meer hoge uitval in de follow-upcohorten waarop het protocol steunt, weinig nadruk op zorgwekkende mortaliteitscijfers in vroege cohorten, een zelfrapportageschaal in plaats van volwaardige differentiaaldiagnose, en een zelfversterkende cirkel doordat dezelfde onderzoekers zowel de studies als de richtlijnen erop schreven.