18 mei 2026

Overheid moet regels stellen aan behandelen genderdysforie
Radioloog en gezondheidsjurist Trude Klijnsmit en socioloog Peter Vasterman publiceerden op 25 mei 2023 in Medisch Contact (nr. 21) het opiniestuk "Overheid moet regels maken voor behandelen genderdysforie". Zij betogen dat de behandeling van genderincongruentie bij minderjarigen geen regulier medisch handelen is en dat de overheid daarvoor regels moet maken, zoals voor abortus en euthanasie. Meer over het Dutch Protocol staat op dutchprotocol.nl.
Geen regulier medisch handelen
Regulier medisch handelen heeft volgens de auteurs een medische indicatie, een concreet behandeldoel en wordt uitgevoerd volgens professionele standaarden; genderincongruentie voldoet daar volgens hen niet duidelijk aan. Zij wijzen erop dat het niet meer als psychiatrische stoornis geldt en schrijven: “Zonder ziekte of stoornis vervalt echter de basis voor de medische diagnose.” (bron)
Bewijs en risico’s volgens de auteurs
De auteurs verwijzen naar de Cass Review (tussenrapport en een brief uit 2022), naar een evidence review van NICE uit 2020 die de kwaliteit van het bewijs voor de uitkomsten als ‘very low certainty’ beoordeelde, en naar de Zweedse Socialstyrelsen (2022), volgens welke de behandelingen alleen in uitzonderingsgevallen zouden moeten worden aangeboden. Zij schrijven dat puberteitsremmers kunnen leiden tot osteoporose en tot verstoring van de hersenontwikkeling, en dat cross-sex hormonen leiden tot onvruchtbaarheid en levenslang gebruik. De Gezondheidsraad schreef in 2026 dat de botmineraaldichtheid tijdens de behandeling afneemt, dat de langetermijneffecten op botontkalking en botbreuken onzeker zijn en dat de effecten op cognitie en vruchtbaarheid onvoldoende zijn onderzocht (bron).
"Minderjarigen overzien gevolgen nog niet"
Dit is de ondertitel van het stuk. De auteurs schrijven: Juist de hersengebieden betrokken bij langetermijnplanning zijn in het puberbrein nog onvoldoende ontwikkeld
(met verwijzing naar Crone, 2008), en werken dat uit voor de vraag naar geïnformeerde toestemming.
Drie beleidsopties
De auteurs schetsen drie opties. Eén: de zorg aan de professionals laten, waarbij affirmatie de norm blijft en zelfbeschikking zwaarder weegt dan bescherming; volgens de auteurs betalen detransitioners daarvoor de prijs. Twee: voorwaardelijke toestemming, bijvoorbeeld alleen binnen zorgvuldig bewaakt wetenschappelijk onderzoek of bij zeer ernstig psychisch lijden, wat zij koppelen aan de Zweedse aanpak. Drie: een verbod op puberteitsremmers en cross-sex hormonen. Zij concluderen dat de laissez-faire aanpak het minst in overeenstemming lijkt met de relevante beginselen.
Waarom de overheid
De auteurs pleiten voor ingrijpen van de overheid en wijzen op het besluit van de minister van VWS uit 2013 om, in overeenstemming met de beroepsgroep, de leeftijdsgrens voor cosmetische ingrepen van 16 naar 18 jaar te brengen.